Volgende Gitariteit Vorige Gitariteit Gitariteiten Index

Het Louis Ignatius Gall Festival

Op 18 januari 2014 vond in Kulturhaus NIHZ in Nordhorn het Louis Ignatius Gall Festival plaats.

De eerste vraag die menigeen zal stellen is: “Wie is Louis Ignatius Gall, en waarom wordt er een heel festival aan hem gewijd?”

Eerlijk is eerlijk, toen ik met gitaarspelen begon had ik geen idee wie Louis Ignatius Gall eigenlijk was. Dat gold eigenlijk voor iedere klassieke gitaargrootheid die op dat moment in de wereld rondliep. De namen kwamen pas toen ik gitaarplaten begon te kopen.

Ik had destijds bij mijn eerste gitaar voor zelfstudie een paar boekjes Ilja Kroon gekocht, maar die brachten me niet verder. Daarom besloot ik als HTS student om muziekles te gaan nemen en kwam zodoende bij Thea van der Meer aan de Muziekschool Enschede terecht.

Daar werd me enigszins duidelijk wie Gall was, zijn naam prijkte namelijk samen met die van Rob Koenders op de kaft van een gitaarmethode die (dat zag je aan het kaftontwerp) bij Uitgeverij Van Teeseling was uitgegeven. Ik hoorde dat de beiden gitaardocenten aan het toenmalige Twents Conservatorium waren. De naam Louis Ignatius Gall kwam me ontzettend Spaans over, en dat paste goed bij de gitaar.

Toen ik in Enschede kwam wonen, bestond het Twents Conservatorium eigenlijk nog niet eens zo lang, in 1972 ontstond het uit de toenmalige muziekschool, en ik kwam in Twente aan in ‘77. Ooit zat het conservatorium in dezelfde monumentale villa aan de Boddenkampsingel waar toen ik daar kwam de Muziekschool gevestigd was. Het conservatorium was toen al verhuisd naar het oude Capucijner klooster in Dolphia aan de oostkant van Enschede, richting Glanerbrug. Van oud-leerlingen herinner ik me nog de verhalen over een veel gezelliger stek dan de latere Artez bunker midden in het centrum.

De Koenders/Gall methode was vrij uitgebreid met de delen 1, 1A, 2 en 3. Ik kon bij het begin van de les met deel 2 beginnen omdat ik mezelf het een en ander gelukkig al op correcte wijze had aangeleerd. In de hoop dat deze methode me meer zou helpen dan die van Kroon, schafte ik me welgemoed deel 2 aan.

Ik leerde van deze methode, dat ik niet geschikt was voor een methode. Thea anticipeerde daar feilloos op met een alternatieve strategie en zo kwam ik de jaren daarna eigenlijk niet meer met het werk van Gall in aanraking.

Dat veranderde toen ik het Duo Niet in het Zwart ontmoette. Bobby Rootveld, de gitarist van het duo, en zijn vader Fred Rootveld hadden beiden het vak geleerd bij Louis Ignatius Gall en ze waren zeer positief over hem, ook al hadden ze uiteraard wel hun kanttekeningen. Maar dat krijg je altijd: dat is Post-academic progress!

Wat echter belangrijker was, ze speelden muziek van hem. En dat vormde een goede bevestiging van hun waardering.

Internet hielp me bij het bepalen van de rol van Louis Ignatius Gall in de Nederlandse gitaarwereld. Het feit dat heel wat klassiek geschoolde gitaristen zijn naam in hun CV vermelden, zegt eigenlijk al iets.

Wie was nu Louis Ignatius Gall? Tot mijn verbazing is hij gewoon Nederlander, ondanks zijn exotische naam!

Hij werd geboren in het Nederlands Indië van voor de Tweede Wereldoorlog. Zijn jeugd werd duidelijk overschaduwd door de Japanse bezetting en de daaropvolgende vrijheidsdrang die tot de Republiek Indonesië leidde, een tijd waarin hij naar zijn zeggen regelmatig de dood letterlijk in de ogen zag.

De gitaar was van jongs af aan zijn passie en zijn leven. Met die instelling kwam hij na zijn verhuizing naar Nederland in de lespraktijk van Andrés Segovia in Santiago de Compostela terecht. Ook dat zegt iets, want de oude meester was zeer kritisch bij het aannemen en opleiden van leerlingen, menigeen werd geweigerd of en passant naar huis gestuurd.

Na zijn studie wijdde hij zich aan een avontuurlijke internationale concertcarriere. Een blessure maakte een eind aan zijn bestaan als rondtrekkend concertmusicus, maar hij liet zich niet voor een gat vangen en streek tenslotte neer als hoofdvakdocent van het Twents Conservatorium, waar hij tot zijn pensionering bleef werken.

Naast docent was Gall een actief componist, niet alleen voor solo materiaal, maar ook voor ensembles met gitaar en melodieinstrument. Zijn composities werden uitgegeven door Van Teeseling in Nijmegen en zijn eigen uitgeverij Elgo Productions in Enschede.

Het Louis Ignatius Gall Festival werd een feestelijke reunie van een hele menigte oud-leerlingen. Ze kwamen van heinde en verre, tot uit Wales toe. Uiteraard waren ze het niet allemaal, want voor dertig jaar studenten had je een stadion moeten afhuren.

Misschien wilden ze ook niet allemaal komen. Dat heeft te maken met hoe je terugkijkt op je leraren. Voor de een is een leraar iemand die je inspireert om het vak te leren en op je eigen manier uit te bouwen. Voor de ander is een leraar iemand die je door zijn persoonlijkheid of methodiek juist dwingt je af te zetten en je eigen weg te zoeken. Beide vormen hebben hun resultaat, alleen zal in het tweede geval de herinnering na de leertijd misschien wat minder gunstig uitvallen.

Het Louis Ignatius Gall Festival bracht een ensembleworkshop, een concours, een documentaire over het leven van Gall en een avondconcert waarin het ad-hoc ensemble en diverse gasten composities van Gall zouden laten horen.

Het bijzondere van het Louis Ignatius Gall Festival was, dat het geen posthume eerbetoging was, de maestro was zelf aanwezig. Bij het Pieter van der Staak Festival vorig jaar was dat niet zo, en daardoor kom je toch meer in de herdenkingssfeer. Zo niet bij het Louis Ignatius Gall Festival, bij deze gelegenheid kreeg hij de kans om zijn eigen composities te horen uitvoeren. Dat moet iedere rechtgeaarde componist goed doen, het papier is weliswaar geduldig, maar het oor wil ook wat, ook al kan het confronterend zijn dat iedereen zijn eigen interpretatie kiest.

Ik kwam vlak voor het avondconcert binnen. De goede sfeer hing overal, het eten was net gedaan en overal werd druk gepraat en gelachen. Er was aardig wat publiek toegestroomd en ik heb Kulturhaus NIHZ nog nooit zo nokkievol gezien. Er konden alleen nog een paar haringen in de ton bij.

Tot mijn verrassing ontmoette ik daar de huidige eigenaresse van Muziekuitgeverij Van Teeseling die de leiding na de dood van haar vader had overgenomen. Ik heb daar drie muziekboeken voor fluit en gitaar mogen publiceren. Ze herkende me van de foto van hun website, ;-)) ook al ben ik natuurlijk wel wat ouder geworden. Een leuke ontmoeting!

De avond opende met een welkomstwoord en de resultaten van de noeste arbeid van het ensemble. Net zoals bij het Pieter van der Staak Festival waren er een aantal dirigenten en het was leuk te horen dat ze hun eigen stempel op de interpretatie drukten. Je kon merken dat Louis Ignatius Gall en Pieter van der Staak tijdgenoten waren.

Daarna kwamen de bijdragen van de oud-leerlingen van Gall, met het Anido Gitaarduo van Annette Kruisbrink en Arlette Ruelens als vertegenwoordigers van de Zwolse tak. En niet te vergeten het spel van zijn oude vriend Reinbert Evers uit Münster.

Louis Ignatius Gall integreerde vaak het Spaanse klankidioom in zijn composities, hij deed zeker niet mee aan de atonale experimenten die wij van bijvoorbeeld Nicolas Maw kennen. De muziek was toegankelijk, maar aan de bewegingen van de spelers kon je merken dat de stukken duidelijk technische diepgang hadden.

Het moet een prachtige ervaring zijn geweest voor Louis Ignatius Gall die zich bescheiden op de tweede rij had opgesteld. Zeker als een groot aantal spelers het repertoire zo enthousiast voor het voetlicht brengen.

Toen alle spelers hun muziek hadden gespeeld, was het de beurt aan de maestro zelf. Het was een bijzondere ervaring om iemand te horen spelen die al zo lang hartstochtelijk met de muziek heeft geleefd. Het is zo, je wordt ouder en grijzer, je stem wordt misschien wat zachter en de spieren strammer. Dat effect merkte je aan het volume van Gall’s uitvoering. Maar in een doodstille zaal werd duidelijk dat zijn muziek ook na al die jaren levend was.

Een donderend applaus volgde en de maestro nam het zichtbaar geëmotioneerd in ontvangst. Ik denk dat dit festival hem heel gelukkig heeft gemaakt, het is een blijk van erkenning dat niet iedere leraar zal krijgen. De meesten zullen het moeten doen met de wetenschap dat ze hun leerlingen in staat hebben gesteld om het muzikale stokje over te nemen en hun leraar uiteindelijk te overvleugelen.

Het Louis Ignatius Gall Festival werd ook de gelegenheid van de release van de CD Louis Ignatius Gall, Guitar. Gall heeft door de jaren heen het nodige opgenomen, maar het is nooit tot een uitgave gekomen. De banden waren echter goed bewaard, zodat er een bloemlezing van Gall’s muziek op de glanzende schijf kon verschijnen. De plaat is uitgegeven door Samsong Productions onder nummer SAMCD027.

De CD bevat een mooi palet aan muzikale stijlen. De plaat begint met een ongelooflijk intiem opgenomen setje Renaissancestukken van Dowland, Sweelinck en Vallet. De opname komt de helderheid in de stemvoering zeer ten goede.

De Barok is vertegenwoordigd met Gavotte in E van Bach. De speelstijl doet me aan de vroege John Williams herinneren.

De Romantiek komt aan de orde met twee charmante tango’s van Jose Ferrer, in de tijd gevolgd door een aantal stukken van Federico Moreno Torroba met een heel mooi gespeelde Torija.

De moderne tijd krijgt vorm in de Prelude van Nakabayashi, met een atmosfeer die een beetje lijkt op de Sakura van Yokoh.

De rest van de CD is gewijd aan de muziek van Gall zelf. In zijn Suite Opus 1 waagt hij zich een beetje op de experimentele toer, maar keert daarbij steeds weer terug naar de Spaanse vormen. Wat dat betreft vormde de Malagueña als laatste stuk een treffende finale. Met diezelfde Malagueña sloot hij ook zijn eigen optreden af.

De CD was een aangename kennismaking met de gitarist en componist Louis Ignatius Gall!

Kortom, een mooi avond met een mooi souvenir!