Volgende Gitariteit Vorige Gitariteit Gitariteiten Index

Geduld

Geduld is een schone zaak waar ik het nog weleens moeilijk mee heb. Als ik in de winkel iets leuks heb gekocht, heb ik geen geduld om met het openmaken van het doosje te wachten tot ik thuis ben: de visuele controle dient zo snel mogelijk te gebeuren. Effe Checken of alles er wel is.

Die geduldkwestie speelt me ook op bij mijn gitaarspel.

Gebrek aan geduld is erg lastig bij het instuderen van een stuk. Bij gitaarspelen waaien dingen je niet zomaar aan: je hebt geduld nodig voor het uitzoeken van hoe je iets kunt en wilt spelen, voor het vinden en noteren van de beste vingerzetting, voor het uit het hoofd leren van het stuk en voor het experimenteren met expressie. Het blijft niet bij grof in de grondverf zetten, er moet vaak heel wat geschuurd worden voor het goed genoeg is voor een luisteraar.

Geduld is ook noodzakelijk voor het afwerken van een stuk als je het eenmaal spelen kunt. Denk eens aan het engelengeduld dat nodig is om je speellawaai (knersen en piepen) tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen.

Ongeduld daarentegen verijdelt de afwerking compleet en maakt je spel ook nog eens rommelig en slordig. Shearer noemt dat de introductie van Confusion and Error in je spel. Ik moet mezelf nog weleens corrigeren als ik merk dat ik in de ongeduldmodus raak.

Zo’n gevoel van ongeduld wordt nog eens extra gevoed door de beperking in tijd. Ik ben blij als ik op een doordeweekse dag een half uur tot drie kwartier kan vinden voor een rondje gitaar. In die tijd moet ik opstellen (ik speel in de slaapkamer en dat is geen vaste stek waar je alles kunt laten staan), (technisch) inspelen, solostukken en duopartijen instuderen en nog iets aan muzikale recreatie doen of eens een keer een opname maken. Met zo’n druk programma sluipt het ongeduld er vanzelf in.

Inspelen mag je in principe niet vergeten, de spieren moeten soepel zijn en als het even kan in conditie worden gehouden. Na het inspelen komt dan het time manage­ment probleem aan de orde.

Een van de oplossingen van dit time management probleem is concentratie op één ding tegelijk: beperk je de ene dag tot instuderen en doe de recreatie (door muziek­boeken bladeren en alle stukjes spelen waar je op dat moment zin in hebt) op een andere sessie. Of deel je sessie in duidelijke onderdelen in, met een even duidelijke scheiding daartussen. Zo komt alles wat je wilt aan de orde.

Ik probeer een mengvorm: eerst inspelen, dan het studiestuk (voor solo of duo) en daarna recreatief van blad spelen. Ik hoop dat -nu ik weer gitaarles heb- het studiestuk weer een vaste plaats krijgt, want eerlijk gezegd is dat sinds mijn vorige leraar ermee ophield compleet verwaterd. Studeren wordt wel degelijk gedreven door een stok achter de deur, alle mooie slogans rond autodidactiek ten spijt.

Daarbij probeer ik tevens een evenwicht te vinden tussen beschikbare tijd en de voortgang. Om je ongeduld te bevredigen, wil je opschieten, vooruitgaan. Maar met een half uurtje tot drie kwartier kun je met de beste wil van de wereld geen structurele spectaculaire voortgang verwachten. Dat wekt weleens frustratie bij me. Maar de natuurwet is keihard: Wat je er niet in stopt, kun je er ook niet uithalen, ofwel een vrije vorm van de Wet van Behoud van Energie.

Mijn vorige gitaarleraar moest er weleens om lachen, dat Westers ongeduld van mij. Hij had zelf heel wat gelezen en geëxperimenteerd met Oosterse meditatietechnieken en verklaarde regelmatig dat Haast en Ongeduld er voor zorgen dat je veel meer tijd kwijt bent om te bereiken wat je wilt en je bovendien niet van je spel kunt genieten uit al die frustratie dat je je doel niet snel genoeg bereikt.

“Concentreer je zondanig, dat je van iedere noot kunt genieten, hoe snel het loopje ook is, en laat iedere noot ook zijn tijd, sta iedere noot toe om ook echt te gebeuren” was zijn devies, een wijze les die ik moeilijk kon realiseren. Want iedere noot zijn tijd laten terwijl je die moeilijke overgang naderbij ziet komen, is soms bijna bedreigend. Daarom probeer je te anticiperen, en wég is je geduld.

Het vaststellen de kwaliteit van je concentratie: of je voldoende geconcentreerd bent voor wat je wil spelen en/of instuderen, is een onderwerp voor weer een andere Gitariteit, daar moet ik nog maar eens flink mee experimenteren. Aaron Shearer schrijft daarover zelfs, dat je de gitaar maar opzij moet leggen als je de concentratie niet 100 procent kunt opbrengen. Mmmm, als ik dat aan mijn baas vertel bij mijn werk, is hij zeker niet blij! Want 100 procent concentratie maak je maar zeer weinig mee.

Afsluitend moet ik toegeven: geduld is een schone zaak. Ik hoop dat ik een beetje geduld vind om dat te ervaren op de gitaar.