Morning After.. (Dag Vier plus Een)
Vandaag loopt mijn wekker af om tien voor half zeven. Een venijnig contrast met de vier dagen daarvoor. Toen mocht ik zelf wakker worden zonder de zachte doch nadrukkelijke New Age klanken uit het apparaat.
Het is de dag na het Twents Gitaar Festival, de beruchte Morning After. De terugkeer naar de realiteit van alledag.
Ik werk mijn ochtendritueel af, hijs me in de kleren en sjok naar de ontbijttafel. Een blik op de stereo leert me dat de CD speler nog aan staat. De Sampler van het Twents Gitaarfestival 2010 (een heel prettige bijkomstigheid van het donateursschap) ligt op de speler. Ik pak de hoes en laat de namen op de achterkant nog even tot me doordringen.
Morning After... In de volksmond is dit meestal de pil om de gevolgen van een gepassioneerd samenzijn te verijdelen. Het moment dat ratio en conventio het terrein dat zij aan de hartstocht van het moment hebben verloren terugwinnen door paniek over het feit dat diezelfde passie van samensmelten zich in het mini-micro-miniatuur misschien herhaalt.
Maar... Morning After is ook het gevoel van een kater die je op geheel natuurlijke wijze oploopt als je na een tijd onbezorgd genieten weer in het gewone stramien komt. Nee, het komt niet van de drank, of je moest tegenwoordig ook van Chaudfontaine (Sam Sam’s versie van Spa Rood) dronken kunnen worden.
Een kater.. Zo zou je mijn stemming van dit moment kunnen omschrijven. Eigenlijk zou ik mijn gitaar moeten pakken en met een Louis Armstrong-achtige stem een blues zingen. Net zoals in Jim ten Boske’s groove workshops..
'I woke up this morning... oh yeah../I woke up this morning.../I woke up this morning... oh yeah.... /and I just found that it was the morning after..'
Maar... ik wil helemaal niet dat de hartstocht van de afgelopen dagen wordt overvleugeld door de ratio van alledag. Ik zou haar het liefst nog een tijdje vasthouden, koesteren, de pasteltinten in klank, de schreeuw op de snaar, het contact, de saamhorigheid en de liefde voor de muziek overal in de lucht.
Op de fiets naar mijn werk mijmer ik door. Niet zonder waakzaamheid overigens, want ik bevind me in het verkeer en ik heb al eens gemerkt dat het best een eind vallen is naar de grond als je er niet op verdacht bent. Een deel van me is alert, net zoals onze poes Snoes die heerlijk kan liggen slapen maar toch bij ieder teken van onraad direct op de pootjes staat.
Vier dagen Twents Gitaarfestival 2010. De lustrumeditie.
Ik fiets ondertussen bedaard door richting mijn werkplek. Na de beklimming van het talud van de brug kijk ik al peddelend even uit over het Twentekanaal. Een paar vissers staren naar hun dobber en een vroege roeier klieft de golfslag met zijn skiff.
Met de helling mee kom ik op de oplossing voor mijn kater. Een paar koppen koffie en de start van dit verhaal, het verslag van het Twents Gitaarfestival 2010. Een heerlijke gelegenheid om al die momenten weer eens terug te halen.
En daarmee gaan we terug in de tijd...